Box 3 kent geen gemiddelde en geen meetperiode. Er is één moment dat telt: 1 januari om 0.00 uur. De waarde van je crypto op dat ene tijdstip bepaalt je hele box 3-aanslag voor dat jaar. Wat de koers op 2 januari of 30 juni doet, is voor de standaardberekening niet relevant.
Kernpunten
- De peildatum voor box 3 is 1 januari 0.00 uur van het belastingjaar.
- Je gebruikt de koers op de peildatum van het omwisselplatform dat je zelf gebruikt.
- Er wordt niet gemiddeld: één moment bepaalt de aanslag.
- Crypto tijdelijk omzetten naar euro’s rond de jaarwisseling wordt door de wet genegeerd, tenzij je zakelijke redenen aannemelijk maakt.
- Geef je je werkelijk rendement door, dan telt juist het hele jaar mee.
Wat de peildatum precies is
De Belastingdienst schrijft het onomwonden: tel je bezittingen in box 3 op 1 januari bij elkaar op, en bereken de waarde op 1 januari 0.00 uur. Voor het belastingjaar 2026 is dat dus de stand op nieuwjaarsnacht, direct na middernacht. Voor belastingjaar 2025 was dat 1 januari 2025 om 0.00 uur.
Dat ene tijdstip werkt door in de hele berekening. Hoe die verder loopt, met het fictief rendement van 6,00 procent voor crypto in 2026 en het heffingsvrij vermogen van 59.357 euro per persoon, lees je in onze uitleg over crypto in box 3.
Welke koers moet je gebruiken?
Dit is de vraag waar de meeste mensen op vastlopen, want crypto heeft geen officiële slotkoers. De Belastingdienst geeft hier een concrete regel: geef de waarde aan zoals die was volgens de koers op het gebruikte omwisselplatform. Handel je op één beurs, dan pak je dus de koers van die beurs op 1 januari 0.00 uur.
Praktisch betekent dat:
- Gebruik je meerdere platforms, dan waardeer je per platform met de koers die daar gold.
- Munten in een eigen wallet waardeer je tegen de koers van het platform dat je gebruikt om te wisselen.
- Leg vast welke koers je hebt gebruikt en waar die vandaan komt. Een screenshot of export van je portefeuilleoverzicht op 1 januari is later goud waard.
Kleine verschillen tussen beurzen zijn normaal en geen probleem, zolang je consistent en navolgbaar te werk gaat.
Wat de peildatum betekent voor kopen en verkopen
Omdat één moment telt, kan de timing van transacties verschil maken. Koop je op 2 januari 2026 voor 50.000 euro aan crypto, dan telt die aankoop pas mee voor de peildatum van 1 januari 2027. Verkoop je op 20 december en laat je het geld op je bankrekening staan, dan staat er op 1 januari geen crypto meer, maar wel spaargeld.
En daar zit precies het punt waar de wetgever op heeft geanticipeerd. Crypto valt in de categorie overige bezittingen met een fictief rendement van 6,00 procent in 2026. Banktegoeden zitten in een aparte categorie met een voorlopig percentage van 1,28 procent in 2026, dat begin 2027 definitief wordt vastgesteld. Tijdelijk omzetten naar euro’s rond de jaarwisseling zou de aanslag dus fors verlagen.
De antimisbruikregel: peildatumarbitrage
Voor die constructie bestaat een specifieke bepaling in de wet: artikel 5.24 van de Wet inkomstenbelasting 2001, met de veelzeggende titel ‘Peildatumarbitrage’. De regel komt hierop neer.
Verlaag je door je eigen handelingen de waarde van je overige bezittingen op de peildatum, terwijl je banktegoeden op datzelfde moment juist hoger staan, en gebeurt dat binnen een aaneengesloten periode van drie maanden die begint vóór en eindigt ná 1 januari? Dan worden die handelingen voor box 3 geacht niet te hebben plaatsgevonden. Je wordt dan alsnog belast alsof je de crypto gewoon had aangehouden.
De wet kent één uitzondering: de regel geldt niet voor zover je aannemelijk maakt dat aan je handelingen zakelijke overwegingen ten grondslag lagen. Daarmee worden niet-fiscale redenen bedoeld. Wie in november verkoopt omdat hij in februari een huis koopt, zit dus in een heel andere positie dan wie op 28 december verkoopt en op 3 januari terugkoopt.
De praktische conclusie is simpel: heen en weer schuiven rond de jaarwisseling om je aanslag te drukken, werkt niet. Het is bovendien een handeling die je zelf moet kunnen uitleggen als de inspecteur ernaar vraagt.
Bij werkelijk rendement telt juist het hele jaar
Er is nog een reden waarom schuiven zelden helpt. Sinds de aangifte over 2025 mag je je werkelijk rendement doorgeven als dat lager is dan het fictieve rendement. Bij die berekening kijkt de Belastingdienst niet naar één moment, maar naar de waarde op 1 januari én 31 december, plus de totale waarde van je aankopen en verkopen in het jaar. De hele waardeontwikkeling telt dus mee, inclusief winst op papier.
Wie zijn crypto rond de peildatum tijdelijk verkoopt, verandert daarmee niets aan het werkelijke rendement over het jaar. De twee routes sluiten elkaar dus af.
Wat je wél kunt doen
De verstandigste voorbereiding op de peildatum is geen constructie, maar administratie:
- Maak op 1 januari van elk jaar een overzicht van al je posities per platform en wallet, met de koers en de waarde in euro’s.
- Bewaar ook de stand op 31 december en je totale aankopen en verkopen, zodat je later kunt kiezen voor het werkelijk rendement.
- Houd rekening met de belasting in je planning, in plaats van er achteraf omheen te willen werken.
Hoe je dat vervolgens invult, staat in ons stappenplan voor de crypto aangifte.
Veelgestelde vragen
Is de peildatum 1 januari of 31 december?
Voor box 3 is het 1 januari om 0.00 uur van het belastingjaar. In de praktijk is dat vrijwel hetzelfde moment als het einde van 31 december, maar de Belastingdienst noemt 1 januari 0.00 uur.
Wordt er gemiddeld over het jaar?
Nee. Bij het fictief rendement telt alleen de stand op de peildatum. Alleen bij het werkelijk rendement kijkt de fiscus naar het hele jaar.
Mag ik mijn crypto vlak voor 1 januari verkopen?
Verkopen mag altijd, maar als het patroon onder de peildatumarbitrage van artikel 5.24 valt, wordt de transactie voor box 3 genegeerd. Tenzij je zakelijke, niet-fiscale redenen aannemelijk maakt.
Welke koers als mijn beurs geen koers toont op dat tijdstip?
Gebruik de koers van het omwisselplatform dat je gebruikt, zo dicht mogelijk bij 1 januari 0.00 uur, en leg vast hoe je eraan komt.
Let op: dit artikel is algemene informatie en educatie, en nadrukkelijk geen fiscaal of financieel advies. Belastingregels en bedragen veranderen per jaar. Controleer de actuele cijfers altijd bij de Belastingdienst en raadpleeg bij twijfel over jouw eigen situatie een belastingadviseur.